Spanning op kaakspieren en het TMJ gewricht bij het paard... in beeld.

 Foto 1: TMJ – Paard Actief

Foto 1: TMJ – Paard Actief

Wist je dat, gespannen kaakspieren, het kaakgewricht (in het Engels heet dit TMJ) blokkeert? En wist je dat gespannen spieren en dus hoofdpijn bij het paard veroorzaakt? En dat dit uiteindelijk de gehele biomechanica van het paard beïnvloedt?

 Foto 2: m. Masseter

Foto 2: m. Masseter

In de praktijk kom ik vaak paarden tegen die in meer of mindere mate spanning heeft op de kaakspieren of kauwspieren; de m. masseter,  m. temporalis, m.pterygoideus (foto’s 2, 3, 4).

Deze spieren hechten aan op het kaakgewricht en het Hyoid (tongbeen) en lopen over de schedel | cranium van een paard. Deze spanning veroorzaakt druk op het kaakgewricht, waardoor het paard te kampen heeft met hoofdpijn.

Ik verzamelde enkele foto’s die het heel mooi in beeld brengen. Deze wil ik graag met jullie delen.

 Foto 3: m. Temporalis

Foto 3: m. Temporalis

 Foto 4: m. Pterygoideus + m. Temporalis

Foto 4: m. Pterygoideus + m. Temporalis

Foto 5: m. Masseter – zoals in een eerdere blog beschreven, bestaat de m. Masseter uit 4 lagen en is verantwoordelijk voor het sluiten van de kaak. Daarnaast ondersteunt hij de zijwaartse werking van de kaak bij het malen van het voer. Deze Masseter spier hoort een 5 cm dikke, sponzige spier te zijn. Bij het merendeel van de paarden is deze spier te strak. In plaats van de 5 cm dikke spons, voelt het alsof je direct op bot zit. Teveel spanning, betekent verlies in de werking, het functioneren van de spier.

 foto 5: m. masseter

foto 5: m. masseter

De Masseter spier hecht aan de binnenzijde op het slaapbeen overlopend in het jukbeen (net achter het oog zeg maar). Hij staat ook in directe verbinding met én werkt nauw samen met een van de andere grote kauwspieren; de m. Temporalis. Deze spier, m. Temporalis, loopt bovenop het hoofd (os Parietale bot) en hecht aan op het TMJ en de schedelbasis ofwel Occiput (voel maar achterop je eigen hoofd net boven je nek). Aan de binnenzijde van de kaak loopt dan ook nog de m. Pterygoid die ook op het kaakgewricht aanhecht.

Wat is nu zo interessant aan die hechte verbinding?

Wanneer m. Masseter niet goed functioneert, zal de M. Temporalis gaan overcompenseren. Kun je dat zien bij je paard? Een eerste indicatie is dat deze spier te veel ontwikkeld. Dat ziet eruit als dikke kussentjes, net boven de ogen en voor de oren (zie foto 3 blauwe spier). Maar opgelet! Veel paarden hebben ook te vlakke en strakke m. Temporalis! Deze spier hoort bij een gezond paard ongeveer 2,5cm dik te zijn en bij veel paarden is deze flinterdun. Dit gebeurt doordat ook deze spier niet eindeloos de werking van m. masseter kan compenseren. Uiteindelijk betekent dit dat het paard nog maar een zeer beperkte beweging heeft in de kaak en hooi met erg kleine hapjes en kauwbewegingen kan eten.

Zijn er lange termijn effecten?

  • Botvervorming

De strakheid van spieren heeft op de lange termijn daadwerkelijk een impact op botten en kan het hele bot vervormen. Dit is ook wel bekend als Wolfs Law.
Ter illustratie: Os Parietale, gelegen bovenop het hoofd, beschermt de hersenen die er direct onder gelegen zijn. Zoals ik reeds aangaf, loopt de m. Temporalis bovenop het hoofd en dus over de Os Parietale. Wanneer deze spier stelselmatig te strak is, vervormt het bot. Hetzelfde geldt voor m. Masseter, wanneer de kaakspier strak (hypertoon) is, vervormt de onderkaak (mandibula) zelf, zie foto 6. Foto 7 & 8 tonen de Os Parietale bot van 2 paarden. Foto 7 laat flinke vervorming in de schedel zien door te strakke spieraanhechtingen, terwijl we op foto 8 een jong paard zien, waar geen vervorming te zien is. Hier is zelfs de schedelnaad tussen de os Temporalis bot met de os Parietale in takt, waar deze bij het andere paard samengedrukt en niet meer te zien is. Wat betekent dat nu?

  • Fuseren van Sutura | schedelnaden

De Schedel, oftewel het cranium bestaat uit meerdere botplaten, die met elkaar in verbinding staan via de schedelnaden, zie foto’s 9 & 10. Wanneer een paard heel jong is, zijn er meer botplaten dan op latere leeftijd. Sommige botplaten vergroeien naarmate het paard ouder wordt omdat ze hun functie, de groei van de schedel, hebben vervult. Dat is een natuurlijk proces, maar dit gebeurt niet bij alle delen. De sutura zorgen ook voor de elasticiteit van de schedel en er is dan ook beweging in deze sutura mogelijk. Wanneer deze onder druk alsnog vergroeien verliest de schedel elasticiteit en dit creëert disbalans, oftewel Craniale compressie. Is dat erg? Ja en nee… we hebben allemaal disbalans. Zowel mens als dier compenseren dit in ons lichaam via onze spieren, beweging en houding, om weer een balans te creëren. Dit gebeurt ongemerkt. Meestal worden we er prima oud mee, maar het heeft zeker effect. Symptomen kunnen zij;n hoofdpijn, schrikachtigheid, ongewenst gedrag, etc. Wanneer er te veel disbalans is, kunnen uiteindelijk problemen als headshaking, luchtzuigen, aangezichtsverlammingen, etc. ontstaan. Dat is nog puur vanuit het Cranium (de schedel) geredeneerd. De realiteit is dat het merendeel van onze paarden hoofdpijnklachten heeft. Disbalans beperkt zich natuurlijk niet tot de schedel, zelfs als het daar wel ontstaat. Zo kunnen ook klachten als ataxy, hanetred ontstaan. Eerdere symptomen zijn dan vaak moeite met links/rechtse stelling, niet goed ondertreden, etc.

  • Kaakgewricht disfunctie, ook bekend als TMD.

Ik noemde eerder  de hechte verbindingen van de spieren met het kaakgewricht. Spanning op de spieren, door welke oorzaak dan ook, leidt tot spanning op dit gewricht waardoor deze niet meer optimaal kan bewegen. Het paard zal dus beperkingen ondervinden in het eten en malen van voedsel, waardoor tanden ongelijk afslijten en de noodzaak van de tandarts ontstaat. Ondanks blokkades in het kaakgewricht, blijft het paard altijd zo goed mogelijk eten en compenseert ook hier weer de disbalans. Artrose in het kaakgewricht is dan ook een niet onbekend verschijnsel. Kaakgewricht disfunctie is ook wel bekend als TMD – Tempero Mandibular Dysfunction. Overigens wordt TMD zelden gediagnosticeerd, omdat het dus zeer subtiel begint.

Wat is nu het effect op de biomechanica van het paard?
Heeft het überhaupt effect?

Spanningen in de spieren leiden tot compressie van de schedel, leiden tot spanning op het kaakgewricht | TMJ. De oorzaken zijn legio en het is bijna nooit één oorzaak. Het gevolg van spanning op het TMJ, is het niet goed functioneren van dit gewricht. Het Hyoid (tongbeen) is direct verbonden met het kaakgewricht (foto 10) en wordt ook geblokkeerd. Op het Hyoid hechten spieren aan die via de hals invloed hebben op het voorbeen en via de buikspieren op het bekken (ox Coxae, SI) en de beweging van het achterbeen. Een zelfde keten kunnen we maken vanuit het TMJ, via de spieren rondom de oren, naar C1/2 en zo verder. Dit noemen ze ook wel Anatomy Trains. Alles staat met elkaar in verbinding.

Het spreekt voor zich, dat daarmee spanningen ook impact hebben op het rijden. Immers, wanneer er spanning op de masseter spier is, kan de kaak niet volledig ontspannen, waardoor er spanning komt op het TMJ en kan het paard nooit maximaal in aanleuning, los over de rug, lopen en dus kan het achterbeen nooit maximaal ondertreden! Dit was duidelijk merkbaar tijdens mijn dissecties via Equine Studies en Sharon May Davis. Daar kon ik zelf ervaren hoe een bewegingsbeperking van het Hyoid, daadwerkelijk de beweging van het voor- en achterbeen inperkte! Natuurlijk was dit een test op een niet levend dier, maar het geeft te denken…. kortom; spanningen in de schedel hebben een impact op het gehele functioneren (welbevinden én biomechanica) van paarden!

Ps. 🙂 Wist je dat het Tongbeen | Hyoid, in verbinding staat met het TMJ  via Os Temporalis, een onderdeel van het TMJ, en de structuren er omheen? Een slecht passend bit en een harde of stugge ruiterhand, blokkeert dan altijd het TMJ/kaakgewricht en daarmee ook de mogelijkheid tot volledige aanleuning. Tijdens de dissectie hebben ook linken kunnen leggen tussen TMJ blokkades en bewegingsbeperkingen veroorzaakt door een bit (meer hierover volgt in een andere blog). Foto 11 toont waar het Hyoid aansluit en foto 12 toont het hyoid zelf.


Dit artikel is slechts een zeer beperkt | vereenvoudigd stuk met het doel basis inzichten te bieden en pretendeert bij lange na niet de complexiteit en alle factoren en aspecten van anatomie en biomechanica te bevatten.